yvesjoris.punt.nl
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen op deze website!
Laatste reacties
De moeite waard
 
 google  Yves' blog 

 
 
 
   
 
Over vlas, steen, kantelingen en Sibylla
Het is lang geleden dat ik een Poëzie Kort voor mijn rekening nam. Persoonlijk hou ik zo niet van die korte besprekingen, omdat ik ze van weinig respect vind getuigen voor de dichter, die vele uren achter toetsenbord of papier heeft doorgebracht. Aan de andere kant kan je als recensent wel een mooie groepering maken van poëzie met een bepaalde rode draad. Ondanks de verschillende titels en dichters heeft de selectie in deze Poëzie Kort het motto stilstaan bij meegekregen van mij. 'Niet moeilijk,' hoor ik u al zeggen, 'want is dat niet de rode draad bij de meeste poëzie?' Aan de lezer om te oordelen.

De volgorde van de recensies is van ondergeschikt belang. Ik bespreek de bundels op basis van hun grootte of, in het geval van de eerste bundel van Vera Beerten, op kleinheid.
Kantelingen is niet groter dan 17 centimeter. Een perfect formaat om mee te nemen in de achterzak en om op gepaste tijdstippen tevoorschijn te toveren. Na haar debuut Dooraderd licht in 1998 bij dezelfde uitgeverij, bleef het lang stil rond de licentiate godsdienstwetenschappen en wijsbegeerte. Ze publiceerde tussendoor nog wel in literaire magazines als Diogenes en Deus ex machina, maar het was wachten tot 2006 op een nieuwe bundel. Deze werd onderverdeeld in vijf hoofdstukken, getiteld Prelude, Kinderszenen, Stabat Mater, Kindertotenlieder, en Epiloog om de bundel af te sluiten.
In vijf beklijvende cycli slaagt ze erin om de tragiek van het menselijke bestaan in alle sereniteit te verwoorden, lees ik in het voorwoord. Beerten wisselt kinderlijk naïeve aftelrijmpjes af met ijzingwekkende verzen in Kindertotenlieder, waarin ze op sarcastische wijze met aftelrijmpjes de dood van 35 schoolkinderen beschrijft.

Op de oever, niet ver van het water,
Lag de dood in een rokje van wol.

Ze streek het en perste, trok
De beentjes tegen elkaar aan en recht.

De hemel blaatte -
Handen kwamen wanhoop tekort.

En in de aders van haar hals stolde het bloed tot kabels,
Trok het verdriet van het dorp zich vlot.

Marleen de Crée voorstellen hoeft niet meer. Deze dorpsgenote van Leonard Nolens publiceerde bij Uitgeverij P al eerder de bundels Bloedspiegel en Vita Vita, en werd voor haar werk bekroond met onder meer de Provenciale Prijs van Antwerpen voor Poëzie en de Maurice Gilliamsprijs. Haar nieuwe bundel Sibylla is een symbiose tussen haar woorden en de grafiek van Goedele Peeters. De bundel is een polyfonisch gezang waarin dichteres en grafica elkaars melodieën hebben opgenomen en uitgewerkt. Sibylla I, de basistekst, onderzoekt de taal en haar gave tot communicatie. Bij Sibylla II is er een genuanceerde verschuiving binnen de tekst waardoor de aandacht verschuift naar de ander in de tekst. Ten slotte is Sibylla III, binnen het keurslijf van het sonnet, de synthese van het geheel.

vreemd water draagt de woorden.
klanken stemmen ons niet langer aan.
adem verteert de adem als vuur
dat ons verblindt. Zag ik je dan nooit?
schitterend licht dat over ons ligt
en deze winter zal verbranden.
ik zoek naar je begin.

Met Lucienne Stassaert duiken we de velden in en komen we terecht in de bundel Het vlas komt in de blomme, een titel waarbij we verwachten dat Guido Gezelle over de schouder meeleest. Stassaert is al sinds 1964 actief in de literaire wereld en publiceerde niet alleen poëzie. Uit haar pen vloeiden ook enkele romans, toneelstukken en hoorspelen. Terwijl de titel van de bundel dat niet doet vermoeden, heeft Stassaert met deze bundel de taalgrenzen overschreden. Bernard De Coen en John Irons zorgden immers voor de vertaling van haar gedichten in respectievelijk het Frans en Engels. Om het geheel af te ronden, zorgde dochter Régine Ganzevoort voor sfeervolle zwart-witbeelden bij het werk. Hieronder het gedicht waaraan de titel ontleend is.

Het vlas komt in de blomme,
hemelsblauw in de ochtendkou.
De Mei zet het licht aan land,
wenkt al wie onkruid heeft gewied.

Vroeger, niet vandaag of morgen,
kropen er wiedsters over het veld
een mand bij de hand voor kwaad kruid.
En maar plukken, onkruid pletten
als knepen zij vlooien dood
tussen de distels.

In Franse vertaling luidt het gedicht zo:
Le lin commence à fleurir,
bleu ciel dans le froid matinal.
Le mois de mai aborde la lumière,
hélant quiconque sarcla les mauvaises herbes.

Jadis, point ce jour ni demain,
des sarcleuses fouillaient le champ
un panier à la main pour désherber,
sans cesse arrachant, broyant les mauvaises graines
comme si elles pinçaient des puces
parmi les chardons

waarbij ik me niet van de indruk kan ontdoen dat de woorden van Stassaert mooier tot hun recht komen in de taal van Molière.

Zand-Steen-Stein-Sand ten slotte is eveneens een samenwerkingsverband tussen kunstenaars en dichters. Het project is de neerslag van een maandenlange samenwerking tussen de Antwerpse grafici Veerle Rooms en Goedele Peeters en de Zwitsers Mathias Balzer en Carla Neis. De eerste twee vormden een artistieke tandem met de auteurs Willem Persoon en Johan van Cauwenberge, terwijl Leo Tuor en Heinz Salvisberg de Duitstalige en Retoromaanse poëzie voor hun rekening namen.

De waas van de woestijn

De waas van de woestijn
over zand uit het noorden
De wind in de kruinen
van zijn hoge bomen
is een overschot
achtergelaten door donderende stormen
van luchtmachtoefeningen
daverend
uit soldatengeschater
over de idee
van mogelijke vrede.

Uitgeverij P geeft heel veel poëzie uit. Gelukkig maar, zou ik zeggen in deze tijd waar literaire katernen in kranten worden wegbezuinigd om de winst van de aandeelhouders op te krikken. Deze vier bundels zullen geen potten breken en van de samenwerkingsprojecten vrees ik zelfs dat deze buiten de incrowd amper afname zullen vinden. Ik kan echter niet dadelijk de vinger op de wonde leggen, maar de poëzie is me te onpoëtisch. Wellicht dat ik verwend ben door de poëzie van Ginsberg, Pound en Enzensberger en dichter bij huis Van Ostaijen, Gils en De Conick. Daarom dat ik met de woorden van Gils wil afsluiten, waarin hij zijn visie op een goed gedicht geeft: (…) Dat het gedicht verrast, de lezer op het verkeerde been zet, lijkt me een vereiste voor alle poëzie die het zout in haar pap verdient. (…)'. Hier trof ik degelijk werk aan, maar de verrassing bleef spijtig genoeg achterwege.


Verschillende dichters - Zand-Steen-Stein-Sand
Uitgeverij P 2006; 56 blz.; € 20
ISBN 90 77757 25 2

Vera A. Beerten - Kantelingen
Uitgeverij P 2006; 64 blz.; € 12.50
ISBN 90 77757 07 4

Lucienne Stassaert - Het vlas komt in de blomme
Uitgeverij P 2006; 40 blz.; € 14
ISBN 90 77757 35 X

Marleen De Crée - Sibylla
Uitgeverij P 2006; 64 blz.; € 17
ISBN 90 77757 10 4
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl